We zitten al decennia lang in herhaaldelijke discussies over termen. Om de paar jaar wordt er een nieuwe term bedacht als neutraal, na een paar jaar vinden we dat de term een negatieve klank/lading heeft gekregen en er veel racisme is, krijgen we een discussie over de term en willen we de term vervangen hebben om racisme op te lossen. Vervolgens beginnen wij deze ratrace opnieuw.
Hieronder de geschiedenis van deze ratrace die ons al decennia gevangen heeft gehouden in een vicieuze cirkel waarin we het probleem niet oplossen maar het camoufleren tot het weer z’n camouflage verliest om het weer te camoufleren.
Neem deze geschiedenis door en concludeer voor jezelf: hoeveel racisme en negatieve beeldvorming is er door de jaren heen opgelost door de strategie van termen vervangen opgelost. Is het beter geworden of slechter door de jaren?
- Vreemdeling / Buitenlander
Deze termen waren vooral juridisch en nationaal georiënteerd en verwezen voornamelijk naar niet-Nederlandse staatsburgers. - Indische Nederlanders / Repatrianten
Na de tweede Wereld oorlog, van 1956 tot 1969, arriveerden voor het eerst grote groepen tegelijk in Nederland van buitenaf. Dat waren de Indische Nederlanders en Molukkers. Begrippen waren hier vooral administratief en koloniaal bepaald. - Gastarbeiders / Arbeidsmigranten
In 1960, gedurende 15 jaar, komen meer grote groepen mensen, die niet Nederlands zijn, naar Nederland. Mensen uit Turkije, Marokko, Italië, Spanje en Joegoslavië worden hierheen gehaald om te werken en daarna terug te keren naar hun thuisland. De termen gastarbeiders en arbeidsmigranten werd toen geboren. - Minderheden
Met de komst van Surinamers (voor en na de onafhankelijkheid in 1975) en Antillianen verschoof het algemene term naar Minderheden. Het werd een beleidsmatige term die verschillende groepen omvatte, zoals; Surinamers, Antillianen, Molukkers en de Gastarbeiders met hun gezinnen. Het doel van het beleid was “culturele emancipatie”. - Allochtoon / Autochtoon
Het Sociaal en Cultureel Planbureau introduceerde in 1989 de termen Allochtoon en Autochtoon. Rond 1995 werd dit breed overgenomen door overheid, media en statistieken.
Tegenwoordig misschien moeilijk voor te stellen maar de term Allochtoon was bedoeld als neutrale alternatief voor “buitenlander” en “gastarbeider”. Later kreeg ook deze term dezelfde negatieve en stigmatiserende lading. Maar voordat dat gebeurde kwam er eerst nog:
- Niet-westerse Allochtoon
Na de introductie van dit verschil kwam er meer negatief focus op allochtonen, voornamelijk op moslims. Alle statistieken, mediaberichtgeving en politieke debatten bevatten enkel de negatieve ladingen en stereotypen. Al snel werd de term Allochtoon besmeurd. - Nieuwe Nederlander
De discussie om de ontstane negatieve stereotypen en negatieve lading laaide in 2016 op. Toen kwam het wéér ter sprake om het wéér te vervangen. Dit keer met ‘’Nieuwe Nederlander’’. Deze term bleek niet levensvatbaar te zijn en verdween al snel stilletjes, hoewel het in het volksmond nog wel soms gebruikt wordt. - Afkomst + Nederlander
In dezelfde periode werd het Amerikaanse model van “Afro-American’’ geïntroduceerd. Afkomst + Nederlander. Een Marokkaan werd dan een Marokkaanse-Nederlander, een Turk werd dan een Turkse-Nederlander, een Surinamer werd dan een Surinaamse-Nederlander en ga zo maar door. Hoewel dit model nog wel eens sporadisch wordt gebruikt, heeft ook dit niet stand gehouden en verdween net zo snel vanwege zijn negatieve bijwerkingen. - Persoon met een Migratieachtergrond
Al snel werd de term ‘’Persoon met een migratieachtergrond’’ geïntroduceerd ter vervanging van het woord allochtoon, die een vervanging was voor het woord minderheden, die weer een vervanging was voor gastarbeiders en buitenlanders.
Sinds 2016 lijken we in Nederland ons draai niet te vinden. Termen die na 2016 zijn bedacht om het woord allochtoon af te schaffen raakten steeds uit mode, soms al voordat ze werden geïntroduceerd. We hebben een paar overgehouden, hoewel sommigen enkel in het volksmond worden gebruikt. Meest ‘’neutrale’’ bleek Migratieachtergrond te zijn, die het tot nu vol heeft gehouden. Maar ook deze begint langzaam maar zeker in discussie te raken. Zoals door de geschiedenis heen, zoals met alle termen tot nu toe, raakt ook deze zijn neutraliteit kwijt en neemt de negatieve lading van zijn voorgangers over.
Conclusie
De geschiedenis heeft ons herhaaldelijk geleerd dat niet de woorden het probleem zijn maar de manier waarop de media, statistieken en politiek de termen gebruiken. Hoe ze die lading geven, stereotypen aan vastbinden en hoe ze het niet-Nederlands zijn in het negatieve daglicht hebben gezet. Je kan er elk woord aan plakken dat je wilt, maar we zullen voortdurend in deze vicieuze cirkel blijven draaien.
De oplossing
Hoe nu verder? Voorbeeld Allochtoon is hét antwoord, is dé oplossing.
We moeten het niet-Nederlands zijn, die zo negatief is gestereotypeerd door Nederland, gaan beladen met een positieve lading. We moeten het negatieve lading NIET een nieuwe naam geven maar WEL de naam een nieuwe lading geven.
Allochtoon it is.